RE THINK ING VISU AL


Rivieren van geluid

#

Door bezette steden

In Jeruzalem woonde ik ooit op Strauss. En in Ramat Rachel. In Tel Aviv was het Bar Kochba en Florentin St. Er is een opbloei van het soort 4k “walk with me” videos. Een cameramens wandelt op kalm tempo en filmt met een gestabiliseerde camera de straat. De geluidssporen zijn ruimtelijk, met de juiste koptelefoon doet het landschap zich in drie dimensies aan me voor. Met D. kijk ik waar we zijn, of naar begin en eindpunt van de wandelingen. De routes zijn altijd eender. In Jlem gaan we meestal door Jaffa St en naar Machane Yehuda, de markt van de stad. Of de andere kant op, via de Mamila, een stuk bezettingsarchitectuur, naar de oude stad. Jaffa St met zijn tramlijn met een beginpunt in bezet gebied is ook een voorbeeld van bezettingsarchitectuur, net als de vele publieke parken die op bezette grond zijn gesticht. In Tel Aviv gaat de wandeling vaak naar het nieuwe Mesila park, een strook die ook bedoeld is om Jaffa te verjoodsen, een proces dat nu bijna compleet is, maar nog niet was begonnen toen ik in TA woonde.

Klanken uit een voltooid verleden

De meeste “walk along” videos zijn recent, maar toch oud, historisch. Wandelingen van 9 maanden geleden voelen al gedateerd. Het verleden. Ja, zo was het. Het is ook een sleutel voor de kluis met herinnerde indrukken. In Tel Aviv lopen we door Sheinkin en ik word getroffen door het praten op straat. We lopen langs de arcades, waar de bars en de restaurants zijn en in mijn rechteroor bouwt zich een muur van conversatie. Het signaal van de rateltikkers voor de oversteek stoplichten, de fontein op Dizengoff Square. So wie so Dizengoff, een straat die ik haatte en die iedereen zo snel mogelijk wil doorkruisen. In Jeruzalem gaat het me om Machane Yehuda, de klank van de markt, van handel en de vaste waarden van die ene falafel bar, die ene notenbar, die halva man en die ene groentenkraam. Ik laat me in slaap zingen door Yavitz St. en denk aan Sefer ve Sefel.

Nooit meer terug

James Joyce verliet Dublin en schreef vervolgens een roman over de stad die hij had verlaten. Dublinse vrienden liet hij adressen opzoeken in telefoonboeken. Hij liet zich de Gazetteer opsturen voor zijn roman, een literair taalmodel van Dublin. Uit de video wandelingen construeer ik Jeruzalem en Tel Aviv uit mijn geheugen en uit klank. Een sonische reconstructie van steden die eigenlijk nu al niet meer bestaan. De kern-eigenschap van geluid is dat je je oren er niet voor kunt sluiten. Zien kun je wel even onderbreken door je ogen dicht te doen, maar met geluid gaat dat niet. Ik hoor rivieren van geluid. Een stroom voert me door Allenby in Tel Aviv, een mythische, geliefde en ook verachte straat. In Jeruzalem word ik door Ben Yehuda en door Hillel geleid. Een andere Tel Aviv video geeft me Zuid Tel Aviv en Shalma Road en het angstaanjagende busstation.

Werkelijkheid

De werkelijkheid is dat beide steden gebouwd zijn, heel Israel, gebouwd is, op gestolen goed. De Talmoed zegt: “twee zaken gaan het menselijk verstand te boven: het lijden van rechtvaardigen en het rustige geluk van slechte mensen”. Een wandeling door Tel Aviv bij avond. De parkieten en de gierzwaluwen klinken vertrouwd. Mijn hart gaat open. Tegelijk weet ik: “het rustige geluk van slechte mensen”. De rechtvaardigen lijden 30 km verderop. We lopen door een stad die wel zeven Palestijnse dorpen verbergt, vernietigd, nu onzichtbaar, begraven onder Bauhaus. Klank is de sleutel tot herinnering. Verlangen, verlies, rouw, nagedachtenis. Alles al voorbij.

Jullie versperren mijn pad

#

Je mag onze tocht niet wandelen

Alles in dit stuk ga ik stellen in harde woorden. Duidelijke woorden. Want, wat lopen beleden goede bedoelingen en praktijk toch enorm uit elkaar. De KWBN is de wandel belangenvereniging waarvan ook ik lid ben. En ik ben lid van de plaatselijke Rotterdamse Wandelsport Vereniging. De KWBN heeft ook het publieksplatform Wandel en een app. Als belangenorganisatie publiceert de KWBN ook jaarverslagen en notities. De aanleiding voor mijn gespit: ik werd de facto uitgesloten van meedoen aan een wandeltocht, omdat er geen gpx file beschikbaar was (die maakt de route voor mij toegankelijk). Uit de reactie van de organisatie bleek dat ze ook niet van plan waren me toegang te bieden door er één te tekenen, hoewel ik me tijdig meldde, 3 weken voor de startdatum. Buitengesloten.

Goede bedoelingen

Met D. moet ik door de site, want de toegankelijkheid is niet - kuch - optimaal voor mij als blind lid van de KWBN. Eerst maar eens zoeken op “beperking” of “toegankelijkheid¨. “Beperking” levert alleen een oud nieuwsbericht op over race-running. We zoeken op “toegankelijk” en vinden wat dingen. Bijvoorbeeld dat de KWBN zich ziet als supporter van “breedtesport”, ¨sociale activiteiten” en “gezondheidsinitiatieven”. Met enige bitterheid lees ik dat men het wandelen “laagdrempelig” vindt. “Nou, niet voor jou.” zegt D., die kwader is dan ik. Een bericht over een rolstoeltoegankelijke Avond4daagse is mijn magere oogst. “blind”, “slechtziend”: geen resultaat. Er is ook een gedeelte “onderzoek¨, want de KWBN doet onderzoek naar het wandelgedrag. Het wordt allemaal zo visueel getoond, maar met D.’s hulp kom ik er achter dat ik een prestatiewandelaar ben. “Wandelaar met een handicap” is er niet bij. Eindelijk heb ik beet met “inclusief” en vind ik dit nieuwsbericht.

Inclusief willen zijn

“Hoe inclusief is jouw wandelorganisatie?” vraagt men zich in af in 2021. Ik heb inmiddels antwoorden maar die houd ik nog even voor me. Wat lees ik? Het gaat er om “drempels weg te nemen voor mensen die zich in onze sport niet welkom voelen¨. Ah daar hebben we het al. In feite weigerden ze me toegang, bij de Betuwse Bloesemtocht. Ik “voelde” me niet onwelkom, ik was onwelkom.

Ruim 700.000 Nederlanders voelen zich nog niet welkom in de sport (*). Helaas zijn wandel- en andere sportaanbieders zich daar vaak niet van bewust. Dat is jammer, want juist zij kunnen de drempels wegnemen die deze sporters ervaren, bijvoorbeeld vanwege hun leeftijd, hun fysieke en mentale gezondheid, hun seksuele geaardheid, hun etnische achtergrond of hun sociale positie.

Het nieuwsbericht verwijst naar “sportakkoorden” uit 2020. En dat is al dat ik kan vinden over mijn situatie, bij mijn KWBN. ¨Je bent ook vaak de enige of de eerste¨, zegt D. “Ja,” zeg ik: “bij die rust tijdens de RET wandeling was het alsof ik uit mijn UFO stapte, zo’n alien voelde ik me.” Ik houd van prestatiewandelen, het is een vorm van prestatiesport die voor mensen met lage visus heel geschikt is en ook toegankelijk te maken is. Maar niet door de KWBN. Zou ik hun enige blinde lid zijn?

Tips voor de organisatie

Inmiddels voer ik een levendige correspondentie met mijn Bond. Maar ik wil met mensen aan tafel, want dit is onacceptabel. De KWBN vroeg me: “wat betekent het KWBN lidmaatschap voor jou¨. Ik kon de enquete niet invullen omdat die ontoegankelijk voor me was. Geen enkele bewustheid. De reactie op mijn vraag om toegang tot de Bloesemtocht was botte weigering. Als de KWBN dan zo’n wandelplatform wil zijn met de belangenbehartigng, dan mogen mijn belangen ook wel luid doorklinken. Eén keer zei een organisator tegen me dat er over de toegankelijkheid niet was nagedacht omdat er nooit mensen met een visuele beperking meededen. “Dat is niet zo raar natuurlijk, als je al geen toegang biedt.” zei ik. Een krachtig moment van realisatie, want deze persoon had zich nooit gerealiseerd dat er blinden zijn die dit soort wandelingen willen doen. En daar begint het al. Tip 1. Denk helder na.

Lange rechte stukken lopen

#

De RET Rotterdamwandeling lopen

Prestatiewandelingen, het is een heel ding. Toen ik er aan begon, was mijn aanname dat het de veiligste vorm van lange afstandswandelen voor mij zou zijn. Ik heb ontdekt dat dit “ongeveer” waar is. Dit weekeinde liep ik de WSV RET Rotterdamwandeling, mijn eerste grote afstand: 40 KM. “We zien wel.” dacht ik toen ik me inschreef. De route was zo uitgezet dat ik drie keer vlak langs huis zou komen en een aantal gedeelten ervan bleek ik zelfs vaak gelopen te hebben. Ik had na aanmelding geen contact opgenomen om te melden dat ik blind ben en dat enige gulheid in de benadering wel fijn is. De start was op SS Rotterdam.

Achteraf te laat weg

Door allerlei gedoe was ik net te laat weg en startte niet om 8.00 u, maar een half uur later. Onderdeel van de vertraging was het kunnen betreden van de Rotterdam. Veel mensen schrikken een beetje, als ik me aan ze presenteer, met stok. Bij de traptoegang naar het schip stond een vriendelijke vrijwilliger die ik vertelde dat ergens heen wijzen mij geen informatie geeft. Heel leuk om in de lobby van de Rotterdam in te schrijven. Ook weer lichte schrik bij de vrijwilligers daar, ik had de verkeerde QR code op de telefoon, nee ze had de juiste nodig. Uiteindelijk vond ze me op naam, toen ik aandrong. Opmerkelijk dat ik de medaille al uitgereikt kreeg. Een beetje karige start, vond ik. Later werd “karig” nog een heus thema. “Dat doen we bij onze RWV wel anders”. Nog even praten met de aardige vrijwilliger en net voor half negen was ik op weg.

Mooiste deel van de route

Traditiegetrouw leidt de route door de Maastunnel en daarna zouden we de Westzeedijk nemen, door Delfshaven, langs de Schie en dan op het centrum aan. Terwijl ik liep, bedacht ik dat ik dit vaker in mijn route zou willen. Lekker rechtuit, veel indrukken en snel. Ik ging natuurlijk veel te hard van stapel, maar terugkijkend op de data heb ik toch vrij constant gelopen. Wijze les voor de volgende keer is om beter te doseren in het begin en daar op pace te lopen, niet op gevoel. Ik vermoedde op 10 KM een rust, maar er vond er geen. Achteraf bleek ik voorbij een tafel met gummibeertjes te zijn gelopen, er stonden vrijwilligers, maar niemand sprak me aan. Ik merkte het omdat ik mensen achterop liep die hun net verworven beertjes gul uitdeelden.

Door de stad

Ik kreeg vrijdag de gpx route en ging zaterdag lopen en dat was eigenlijk te kort op elkaar. Met D. keek ik naar wat kritieke punten op de route. Een aantal aanpassingen hebben we gedaan, omdat de route langs een paar oversteken ging, waarvan ik weet dat ze risicovol zijn. Ook in het centrum gedeelte deden we een paar aanpassingen. De slotsom van het lopen door de stad: te belastend, mentaal. Met plezier loop ik 10 KM langs een fietspad, als er maar nergens oversteken zijn. Het was het vermoeiendst in het centrum en ik ga nooit meer een stadswandeling doen. Voortaan altijd buitenaf.

Een pelgrim ontmoeten

We gaan door Kralingen, ook wel bekend terrein en door de Hoflaan terug naar de Oostzeedijk. Daarna langs de Maas en over de Willemsbrug naar Zuid. De Hoflaan is lente-achtig en vol bloesemgeuren. Ook hoor je dat mensen de ramen al weer open hebben, uit huis klinkt hun stofzuigen, hun stemmen in een kamer. Bij de Maasboulevard weer een lang recht stuk, de Willemsbrug over en zowaar vind ik de rust naast Ons Park. Ingewikkeldheid over het assortiment. Ik loop in april de Betuwe Bloesemtocht en daar heb ik me gemeld, met de vraag of vrijwilligers me actief willen vertellen wat er allemaal ligt, in plaats van het diepte interview dat ik nu moest houden. Koffie en een gevulde koek neem ik om het vraaggesprek te bekorten. Naast mij op de bank ook een 40 KM wandelaar, ook van “mijn” RWV. Hij blijkt een pelgrim: gelopen van Hoek van Holland naar Santiago de Compostela. Toen hij daar was aangekomen, liep hij van Santiago de Compostela naar Rome. Dit jaar zal hij nog de Shikoku 88 lopen, een befaamde pelgrimstocht in Japan. Bijzonder om een pelgrim tegen te komen die het pad ook terugliep, iets dat in de Middeleeuwen heel gewoon was. Hij vertelt eenzaam te zijn geweest op de terugweg, het gevoel als enige tegen de stroom in te gaan. Een wijze les.

Eiland en brug

Meanderen langs de Piekstraat, ik ben geen fan. Nu ik meer dan 20 KM heb gedaan, beginnen de indrukken van de taststok vermoeiend te worden. Ik worstel me over de scheve Stelconplaten, ontdek later toch betere bestrating. De gladde bestrating van het pad langs het Getijdenpark is een opluchting en daarna rond ik Eiland Brienenoord. Op de punt rust ik, omdat ik het bankje daar weet. Ik heb er wel eens fik gestookt met mensen, toen het nog wild was en niet glad gestreken tot een “belevenis”. Heerlijke ruimte om me heen en de riviergeluiden, je zit hier onder de Brienenoordbrug en die moet ik ook nog doen. Ik gun me 15 minuten rust en dan vertrek ik. Mijn gemiddelde snelheid daalt en daalt, want nu word ik moe. Op de Brienenoordbrug bedenk ik dat de route op 35 KM bijna langs huis gaat en dat ik daar kan uitstappen als ik dat wil.

Uitstapklaar

Volgens de route moet ik ingewikkelde dingen doen in De Esch. Het is daar een wirwar van kleine binnenstraten en met een interessante lay-out. Op de kruising bij het Toepad moet ik kiezen en ik kies. Het Toepad is een fijn recht stuk en met toch nog een respectabele 6.5 KM per uur marcheer ik me naar de Plantage en de Maasboulevard. Nu heb ik weer een keuze: linksaf over de Willemsbrug en dan de laatste 5 KM naar de finish? Of rechtsaf naar huis na 35 KM. Mijn overal pace is boven de 11 minuten/km. Nu komt de late start me bijten. Ik heb geen zin om tegen de klok te lopen en ga rechtsaf, naar huis. 35 KM gedaan.

Achteraf

Naar mijn trainingschema kijkend, vond ik het prima gaan. Geen groot ongemak, geen blaren, niet over de kop qua herstellen. Maar aan de omgang met een organiserende vereniging moet ik sleutelen om niet te veel tijd te verliezen. Zeker in de stad moet ik erg alert zijn, veilig oversteken, de tijd nemen. Dat telde te veel op. Ook mijn supermarktbezoek kostte me veel tijd, maar het kon niet anders. Het voorbij lopen van een rust was een dieptepunt en het had allemaal wel wat guller gekund bij de WSV-RET.

Wandelen langs Monnikenpad van Castricum NS naar Egmond a/d Hoef met VoiceVista

#

Adventure hiking

De aanreis en de afreis zijn vaak net zo belangrijk als de wandeling zelf. In Castricum begin je direct vanuit het NS Station naar de eerste markering te lopen. De route houdt op precies bij de bushalte waar de frequente buslijn naar Alkmaar stopt. Je gaat een drukke weg oversteken, en dat vraagt overleg en misschien ziende hulp ter plekke. Op 3 KM is een tijdelijke, maar langdurige afsluiting. Ook daar word je geconfronteerd met interessante keuzes.

Start van de route

Van Bakkum naar De Hoef ken ik de route, maar in omgekeerde volgorde, dus eigenlijk ken ik hem niet. Het is voor het eerst dat ik super lichtgewicht wandel, omdat ik ’s avonds de Stayokay doe in Rinnegom. Dat heeft te maken met weefles die ik de dag na de wandeling volg. Castricum NS is vaak mijn oppik voor de weefles, dus ik weet hoe het zit, niet aan de centrum kant er uit, maar rechtsaf vanaf het perron de trap af, er staan losse incheck zuilen met een geleidelijn erheen. De eerste markering is recht tegenover de stations uitgang en je steekt een rustige parkeerplaats over om de markering te bereiken. De markering daarna is rechts van je, en daarna ben je op een recht pad, met de bakens op twaalf uur voor je uit.

De Zeeweg over

Al na zo’n 300 m hoor je een geluidsbaken links van je en daar begin je eigenlijk al in het duingebied te lopen. De route is zonder grote afslagen of bochten en gaat door interessant bosgebied achter Bakkum. Daarna kom je aan bij de Zeeweg, bij Johanna’s Hof en tegenover Camping Bakkum. Het is een oversteek in twee delen, eerst over een ventweg, daarna over de Zeeweg zelf. Er zijn daar geen lichten. Toen ik overstak, deed ik dat samen met anderen. Vanwege Johanna’s Hof zijn er eigenlijk altijd wel mensen die daar moeten oversteken. Dit is wel een precair punt in de route.

Afsluiting op de Staringweg

Rond KM 3 - KM 4 leidt de route je via de Melkvlakweg naar de Staringweg. Op dit moment (Maart 2026) is de Staringweg daar nog zo’n 300 m gestremd omdat de weg wordt opgehoogd. Een mede wandelaar moest het dreigbord aan me voorlezen. Ik wandelde op zondag, dus ik ging niet uit van werkzaamheden, maar door de week is dit gedeelte van de route onbeloopbaar. Onderweg kon ik niet zo gauw een alternatief voortoveren. Een aardige meneer hielp me door de afzetting aan de ene kant en aan de andere kant en liep een stukje met me op. Erg vriendelijk. Maar ik stond al klaar om terug te lopen naar Castricum met de “andersom” functie van VoiceVista. Ik heb een alternatieve route gelinkt die om de afsluiting heen leidt. Het voegt 3 KM aan je route toe.

Prachtig duingebied

Het vervolg van de wandeling is door het prachtige duingebied tussen Bakkum en Egmond aan Zee. Voor Nederlandse begrippen stijg en daal je nog al, dus het voelt ruig en avontuurlijk. Bij matig weer ook wel eenzaam, omdat weinig mensen zich dan buiten wagen. Bij mooi weer kan het druk zijn, vooral in weekeinden. Er lopen oude paden door deze duinen. Je kruist de Middenweg achter Egmond Binnen en dan ga je eigenlijk al snel op De Hoef aan, na ongeveer 10 KM. Veel wisselende indrukken vanwege de verrassende aspecten van het duingebied. Als je uit de duinen bent, loop je de route af langs de Van Oldenborghweg (rustig, weinig autoverkeer, wel fietsers) en de bijweg langs de Egmonderstraatweg naar de bushalte. De laatste markering is de bushalte zelf.

Achteraf

De oversteek bij de Zeeweg en de afsluiting van de Staringweg waren vervelende verrassingen. Twee keer kwamen zienden me te hulp en het is totaal geen schande om met ziende hulp ergens te komen waar je wilt wezen. Voor de zekerheid geef ik ook een variante route zodat je om de Staringweg afsluiting heen kan. De Zeeweg moet je nog wel steeds over. Zoals altijd is de markeringafstand om in te laden in VoiceVista 100m.

Castricum NS naar Egmond a/d Hoef

Om de Staringweg heen

Langs trekvaarten van Vlaardingen naar Delft bij regen en wind

#

Serieuze wandelingen lopen

In het ene onbewaakte ogenblik vatte ik het plan op om prestatietochten te gaan lopen. En in het andere onbewaakte ogenblik verklaarde ik de Portugese camino te zullen gaan lopen. Dat betekent dat er serieus gaat worden gewandeld rond " huis". Vanuit Rotterdam is er een zekere schaarste aan landschappelijk interessante wandelingen. Een stond al een tijd op het programma en dat was vanaf de tram eindhalte bij Holy via de Vlaardinger Vaart via Schipluiden naar Delft Station. Twaalf kilometer, dus een prettige afstand. De Vlaardinger Vaart ken ik goed, de andere onderdelen van de wandeling waren een avontuur, om Schipluiden heen en dan op Delft af.

Langs de trekvaarten

Tot in de jaren 30 van de twintigste eeuw kon je met de trekschuit van Delft naar Vlaardingen. Een vervoersmogelijkheid met een ijzeren schema, dat intensief werd gehandhaafd. Het was langzaam vervoer, op looptempo, maar beschut, regelmatig, met gegarandeerde aankomsttijden. En geschikt voor vervoer van grotere vracht. Indrukwekkend dat de infrastructuur nog steeds intact is. Dat beseffen ze langs de Vlaardinger Vaart ook en dus zijn er meer herinneringen aan vervlogen tijden: een reconstructie van een overzet, wat informatieborden en het onvolprezen Vlietzicht, waar ik koffie drink.

Regen en wind

Met de wind in de rug en door de regenvlagen heen loop ik na de koffie door. Poncho aan, poncho uit, poncho aan, poncho uit, tot ik het zat ben en besluit dat de regen wel op me mag vallen. De laatste weken heb ik wat dingen veranderd aan het lopen. Andere schoenen gekocht, met meer demping. Een oude Radical Design Hiplite gekocht, zodat mijn torso rechter blijft bij het lopen. Een effect van het stoklopen met de rechterhand is dat ik compenseer aan de linkerkant en dat wil ik voorkomen. Het zorgde voor tendonitis in mijn linkervoet en een hoop pijn. Ik houd me voor dat ik aan het herstellen ben, maar ik loop een zeer aanvaardbare 6 km per uur.

Dwalen bij de Kruithuisweg

Routes met lange rechte stukken en haakse bochten hebben mijn voorkeur en op de eerste helft van de route heb ik mezelf goed bediend. De Vlaardinger Vaart doet zich aan me voor als een schelpenpad op de kade, soms afgewisseld met geasfalteerde stukken fietspad. Alle VoiceVista pings klinken keurig recht vooruit, “op twaalf uur”. Ook de lus om Schipluiden gaat goed, en de Tanthofkade, maar bij de afslag bij de Kruithuisweg gaat het mis. Later laat ik D. de gelopen route zien en ze moet lachen om het wanhopig heen en weer koersen bij een moeilijke fietspad afslag. Maar uiteindelijk kan ik corrigeren en ben ik weer op het spoor van de volgende markering.

Langs fietspaden lopen

Langs fietspaden lopen is de belangrijkste vaardigheid die ik mezelf kon aanleren. Ik herinner me nog de eerste keer op een fietspad, in de buurt van Baarn. Bang was ik. Tot ik bedacht dat als ik naar mijn werk loop, vanuit huis, ik veel meer risico loop op de oversteekplaatsen die ik moet nemen. Er was bewuste mentale oefening voor nodig om vaardig te worden op de fietspaden. Ik ben heel anders tegen “veilig” gaan aankijken nu ik meer buiten de stad wandel. Inmiddels waardeer ik het fietspad meer.

Achteraf

Oorspronkelijk ging de route langs de hele Tanthofkade, maar die is onverhard en bij winterdag een zware klus om met een taststok te lopen. De slingerroute er naar toe, inclusief het verwarringspunt bij de Kruithuisweg, heb ik er uit gehaald. Zo is het nu een route geworden die uit twee grote lange trekvaart-gedeeltes bestaat: de Vlaardinger Vaart en dan het stuk over de Tramkade langs de Gaag. Er is een beweging om Schipluiden heen om op de Tramkade te raken en die is nu ongecompliceerder, met betere rechte hoeken.

Van Vlaardingen naar Delft via de Vlaardinger Vaart en de Gaag

Lopen van Hollandsche Rading naar Baarn met VoiceVista

#

Start van de wandeling

Meteen in Hollandsche Rading was het intens, omdat je de weg moet oversteken bij de spoorwegovergang en er 200 m op de route geen trottoir is. Ik heb op safe gespeeld en heb gewacht tot er een trein voorbij kwam (kan even duren als je pech hebt) en ben toen overgestoken. Als er een lange rij auto’s wacht is het lopen langs de weg ook iets minder griezelig omdat ze nog niet hard rijden, en grotendeels nog stilstaan. Ik liep voorbij de eerste afslag, maar hij is heel duidelijk.

Lastige fietspaden

Het gedeelte tot aan Lage Vuursche vond ik minder dan het gedeelte erna. Dat komt voornamelijk door de fietspaden naast zandwegen configuratie. Je moet kiezen. In schaars autoverkeer lopen (hoewel het erg druk was op een mooie zondagmiddag) of op het fietspad met snel fietsverkeer. Het was mij bijvoorbeeld een heel stuk van de Karnemelkseweg niet duidelijk dat er een zandweg naast het fietspad was met een berm ertussen. Als je op 2.5 km naar links de Vuursche Dreef neemt, kun je het best oversteken tot de weg en daar links van de weg lopen ipv op het fietspad. Contra-intuitief, maar veel rustiger.

GPS en VoiceVista

In het bos was ik bang dat de GPS rare effecten zou geven en dat was ook zo, maar vooral is het hoe RWGPS en VoiceVista reageren op het GPS signaal. Ik moet de waarschuw afstand voor RWGPS beter afstellen, want nu waarschuwde RWGPS me veel te vroeg voor wendingen in de route. Maar heel vaak ging het precies goed, en hoorde ik het baken in mijn linkeroor op 9 uur en zei RWGPS “turn left”. Dit kan nog worden verfijnd. Het stuk richting Lage Vuursche gaat even door het bos, maar daarna langs de betrekkelijk drukke Karnemelksweg. De bospaden zijn breed en goed te volgen. Ik had mijn stok heel lang, dan is hij langer dan ikzelf. Dit gaf me veel informatie over het pad. Volgende keer neem ik wel een reserve stokpunt mee, want ik was nogal aan het houwen.

Bankjes vinden

De route ging langs het Koos Vorrinkhuis en dat heb ik gegroet, omdat mijn grootouders elkaar bij de AJC ontmoetten. Zonder Koos was ik er niet geweest. Na Lage Vuursche (alle pannenkoekhuizen vol) wordt de wandeling aanzienlijk prettiger, met afwisselend bos en open ruimte zoals deze. Druk in het bos, maar het was niet moeilijk om een plek te vinden voor pauze. Het zou ook goed zijn om rustpunten te kunnen markeren, of in ieder geval een paar. Ze staan op onlogische plekken, meestal van het pad af, dus het was toeval dat ik een bank vond, omdat ik verkeerd liep. Fijn gepauzeerd, maar verontrustend lente-achtig weer.

Langs het fietspad lopen

Het gedeelte hierna, langs de Amsterdamsestraatweg naar Baarn was te enerverend om te fotograferen, blijkbaar. Ik wil zulke kloven altijd snel en efficient overbruggen. Hier kan knipperlicht/fluo ook meer duidelijkheid geven aan omringend verkeer. Volgende keer neem ik dat mee. Ik leer elke keer bij. Ik zie een beetje hoe je dit zou kunnen opzetten, als vrijwilligers verband. En welke dingen je zou moeten voorbereiden, aanbieden etc. De techniek van het stoklopen is ook wezenlijk anders, en er is iets met cadans tijdens het lopen dat ik nu pas begin te ontdekken.

Achteraf

Nog nadenkend. Het lijkt me mooi als de voorbereiding, de route, het lopen en aanpassen, het checken etc, als dat een gemeenschappelijk iets zou zijn. Dat is ook erg in de geest van organisaties als Running/Walking/Rowing Blind en Sailwise. De wederkerige relaties. Ook mensen met een visus beperking die ze zelf niet als slechtziend ervaren, zouden zo ontspannener de natuur in kunnen. Niet steeds op de app kijken, veel minder risico op verkeerd lopen…. Landelijk moet er toch iets te organiseren zijn. Heeft Wandelnet geen innovatie afdeling?

Voor wie zelf wil lopen is hier de aangepaste wandelroute om in te laden in VoiceVista, per 100m een markering


written by a human